De eerste levensweken van een kalf zijn cruciaal voor de verdere ontwikkeling en prestaties van het dier. Dit geldt voor zowel de opfok tot melkkoe als voor de inzet in de vleeskalverhouderij. Doordat een kalf zonder antistoffen geboren wordt, is het afhankelijk van de opname van antistoffen (o.a. lgG’s) uit de biest direct na de geboorte. Zonder antistoffen is het kalf erg kwetsbaar. Voldoende antistoffen bevorderen de groei, prestaties en gezondheid van het kalf.

Een van de belangrijkste antistoffen die het kalf nodig heeft is IgG. Door IgG in het bloed te meten kan bepaald worden of het biestmanagement op orde is. Het meten van IgG in het bloed is bewerkelijk en niet eenvoudig te automatiseren. Vanwege de grootschaligheid van het project en het feit dat de meting in een relatief korte periode moet worden uitgevoerd, is het meten van IgG niet efficiënt uit te voeren.  Denkavit is op zoek gegaan naar een alternatieve methode om een uitspraak over biestmanagement te kunnen doen. Uit deze zoektocht kwam naar voren dat de meting van Totaal Eiwit in het bloed een goede optie is.

Figuur 1 toont resultaten van het onderzoek waarbij gekeken is naar de correlatie tussen Totaal Eiwit (TE) en IgG. De figuur laat zien dat Totaal Eiwit en IgG in het bloed een correlatie hebben: hoe hoger het TE hoe hoger het IgG. Alleen dit is niet 1-op-1 te vertalen, een bepaalde waarde TE staat niet voor een exacte waarde van een IgG, er is sprake van een spreiding om een gemiddelde waarde.  De resultaten laten zien dat er op individuele kalveren uitschieters zijn. Bij meerdere dieren middelt de spreiding zich uit. Dit betekent dat een gemiddelde waarde van een groep kalveren een beter beeld geeft van het biestmanagement dan een individuele waarde per kalf. Met Totaal Eiwit kan een uitspraak over het biestmanagement gedaan worden.

Figuur 1: correlatie Totaal Eiwit en IgG

De kalveren die deelnemen aan Programmakalf komen via het verzamelcentrum terecht op een vleeskalverbedrijf waarmee Denkavit samenwerkt. Zo snel mogelijk na aankomst op het vleeskalverbedrijf wordt er bloed geprikt bij de kalveren voor de meting van Totaal Eiwit. De bloedmonsters worden vervolgens naar het laboratorium van Denkavit gebracht om geanalyseerd te worden op Totaal Eiwit. Op het laboratorium staat een zelf ontworpen ‘bloedrobot’ die deze analyses uitvoert.

Nadat de analyse van Totaal Eiwit heeft plaatsgevonden, wordt deze data in ons systeem gezet en verwerkt in een rapportage (zie figuur 2). De Totaal Eiwitwaarden worden in 3 klassen onderverdeeld: onvoldoende, voldoende en goed, waarbij Denkavit een streefwaarde van 80% hanteert (dit is een optelsom van het percentage kalveren dat voldoende en goede eiwitwaarden heeft). Uw resultaten van het afgelopen kwartaal worden vergeleken met die van een kwartaal eerder en ten opzichte van het hele jaar. De vergelijking met een jaar is ook te maken met 1. specifiek voor uw eigen bedrijf en 2. met alle deelnemende bedrijven. Alle facetten die nodig zijn om succesvol IgG’s in het bloed te krijgen hebben invloed op de hoogte van de Totaal Eiwitwaarde (o.a. kwaliteit van de biest, tijdsstip van de biestgift na geboorte, hoeveelheid en hygiëne).

Zit u onder deze streefwaarde? Neem gerust contact op met een van onze Jongvee Specialisten of lees hier de tips van onze Jongvee Specialisten.

Elk kwartaal wordt het overzicht met data naar deelnemende melkveehouders gestuurd. Naast Totaal Eiwit wordt er meer data naar u teruggekoppeld. Met deze data én bedrijfsspecifiek advies van de Jongvee Specialisten van Denkavit kan er gericht naar het biestmanagement en de opfok van uw kalveren worden gekeken.

Benieuwd wat er naast Totaal Eiwit nog meer wordt teruggekoppeld? Klik dan hier voor een voorbeeld rapport.

Figuur 2: voorbeeld van Totaal Eiwit terugkoppeling

Wat kan Programmakalf voor u betekenen en zijn de voordelen hiervan?

 

Of neem contact op met onze specialisten!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.